Bomenridders en politiek

Bomenridders en de gemeenteraad:

Het komt geregeld voor dat de Bomenridders de raadsleden informeren  en de visie van de Bomenridders kenbaar maken. Hieronder treft u enkele brieven  en teksten die zijn ingesproken tijdens commissievergaderingen, waarbij besluiten genomen moesten worden over het groen in Leeuwarden.

Bezwaar wijziging in kapverordening 11-6-07 zoals voorgelezen in de raadsvergadering

Geachte raadsleden.

1 Om met punt 4; de conclusie, te beginnen; “het nadeel vh handhaven vd huidige regeling,is het risico van soms ernstige vertraging voor veel bouwinitiatieven.”

Dit is schreeuwen voor je geslagen wordt! Hoe vaak is het gebeurd dat een project niet doorgaat omdat er mensen zijn die de bomenkap tegenhouden in Leeuwarden. Kennelijk is ons bestaan doorgedrongen. Waar eerst zonder enige tegenwerking gekapt kon worden, wordt nu soms bezwaar aangetekend. Vergeet niet dat onze stichting ontstaan is uit onvrede over het kapbeleid in Leeuwarden! Wij beschouwen dit voorstel als een motie van wantrouwen naar ons; kennelijk twijfelt men ernstig aan ons gezonde verstand.

De gemeente is (volgens onze informatie) zelf niet verantwoordelijk voor eventuele vertragingen; wanneer een projectontwikkelaar op tijd zijn vergunningen aanvraagt is er niets aan de hand. Trouwens…

Is dat nou vaak gebeurd…zo’n vertraging van 1 a 2 jaar?

Terecht wordt hier opgemerkt dat de huidige regeling voorkomt dat bomen onnodig gekapt worden. Ik wil de dames en heren er op wijzen dat het onnodig kappen van bomen een kapitaal-vernietiging is. De investeringen die men eerder deed in het groen worden met één haal weggevaagd. Het kappen is onomkeerbaar en daarmee vernietig je de toekomst. Bomen worden immers meer waard wanneer ze ouder zijn; dit in tegenstelling tot bestrating. e.d.  Bestrating en moderne bebouwing devalueerd in de tijd, terwijl de waarde van een boom juist toeneemt!

Kortom; een klein boompje in de plaats van een grote is geen gelijkwaardig alternatief; het is zoiets als de bibliotheek platgooien en er een bibliobus voor in de plaatszetten!

2 Bij doelstellingen en alternatieven is sprake van “zwaarwegende belangen” (punt 3in 1e alinea) waarbij het college kan beslissen alvast te laten kappen.

Wie weegt de belangen en om wiens belangen gaat het eigenlijk? Die van de bewoners?               Of die van de Gemeente of de projectontwikkelaars? Het nut dat de bomen hebben voor onze schone lucht en ons welzijn zou altijd het zwaarstwegend moeten zijn.

Een goed alternatief zou zijn om de bomenridders, de bomenstichting en/of andere belangengroepen direct te betrekken bij grote bouwprojecten, als daarvoor bomen het veld moeten ruimen.

Dat wordt bijv. in R’dam zo gedaan. Als er bomen gekapt moeten worden, kijken ze samen of deze bomen verplaatst kunnen worden, of in de bomenbank gestationeerd  kunnen worden om later terug geplaatst te worden. Kan dat allemaal niet, dan worden de bomen getaxeerd en het geld in een bomenpot gestort voor andere bomen in de stad.

Kijk, dames en heren… dát is groenbeleid zoals het hoort. En we weten allemaal dat Rotterdam een reputatie heeft op het gebied van bouwen.  Zitten we hier in Leeuwarden nu opgescheept met een stelletje angsthazen, dat bang is investeerders in bouwprojecten te verliezen of gaat men met de tijd mee en profileert de gemeente zich als een groen-vriendelijke? Over gezond verstand gesproken….

——————————————————————————————-

Onderstaande brandbrief is verstuurd aan alle raadsleden.
6 september 2010.

Wat begon met een verzoek om drainage van een speelplaatsje, leidt tot de totale kaalslag van een stadsparkje.

Ruim een jaar geleden, lente 2009, werd ik in mijn hoedanigheid als voorzitter van stichting Bomenridders door een bewoner van de Oldegalileën/Bloemenbuurt gevraagd op een voorlichtingsavond te komen, waar de gemeente haar plannen voor het parkje aan het Pieterseliewaltsje bekend zou maken aan de buurtbewoners.

Volgens de voorzitter van het wijkpanel, met wie ik eerder contact had,  was de gemeente in eerste instantie verzocht de speelplaatsen in de buurt op te knappen.  Vanuit de wijk waren er opmerkingen over de slechte drainage van de speelplaats in het parkje en de over de pluizen, stuifmeel, vallende bladeren van de bomen aldaar. Maar, (ik citeer hier de voorzitter) “als wij als bewoners het groen in onze wijken een goed hart toedragen is de overlast draagbaar.”
Toch heeft het verzoek om onderhoud en de klacht over slechte drainage geresulteerd in de plannen van de gemeente voor totale sanering van het parkje en deze plannen zouden op de bovengenoemde bijeenkomst uiteengezet worden.

Het parkje is aangelegd op vervuilde grond; er zit namelijk lood in de grond. Ik citeer uit de kapaanvraag van 20 april 2009:

“Uit milieukundig bodemonderzoek is gebleken dat de grond van ongeveer de helft van het wijkpark verontreinigd is met lood. Alle onderzoeksgegevens zijn door de GGD beoordeeld op eventuele risico’s voor kinderen, die op de speelplaats spelen. De conclusie van de GGD is dat er geen gezondheidsrisico’s zijn voor de spelende kinderen. De vervuilde bodem is nu namelijk goed afgedekt met een grasmat en rubberen tegels”.

Op de bijeenkomst werd nogmaals benadrukt dat er beslist geen gevaar voor de volksgezondheid was. Ook de flora en fauna in het parkje heeft niet te lijden van de verontreiniging. Er zijn, voor zover bekend, geen gezondheidsklachten gemeld die aan de verontreiniging gerelateerd zouden kunnen zijn.

“Toch vindt de gemeente het niet wenselijk dat er op een kinderspeelplaats sprake is van bodemverontreiniging, daarom wordt de kinderspeelplaats gesaneerd”.

Op de voorlichtingsavond was een handjevol mensen, waaronder een vrouw die klaagde dat haar kind wel eens onder de modder thuiskwam en een man die klaagde over drassigheid na regen. Er waren echter ook mensen die erg genoten van het parkje.

Bij het tonen van een getekende plattegrond met het eindresultaat na de aanleg van een nieuw plantsoen, waarin strakke rijen groene bollen (volwassen bomen van bovenaf gezien) zichtbaar waren klonk een tevreden gemompel van de meesten. (Helaas werd er door de ambtenaren niet bij verteld dat men op dit resultaat zo’n 15 jaar moet wachten, want nieuwe aanplant is uiteraard klein. En het is natuurlijk ook afwachten of al de nieuwe aanplant aanslaat. Zo niet, dat gaat er weer een jaar of meer overheen voor er iets nieuws staat.) Zo leek het er voor de gemeente op, dat de bezoekers wel tevreden waren over de plannen. Voor de paar tegenstanders was verder geen aandacht, de zaak was al beklonken, de kapvergunning  al verleend en de periode waarin bezwaar gemaakt kon worden bijna verstreken, maar ook dat werd er niet bij verteld.

Onze stichting heeft zich er verder niet mee bemoeid, omdat het een zaak tussen buurtbewoners en gemeente leek. Maar in mijn achterhoofd bleef het doorzeuren dat er hier toch wel erg veel gezond groen vernietigd zou worden zonder echte noodzaak.  En dat de klagers weer hun zin kregen, terwijl er voor de tegenstanders van het plan geen oor was. Ik heb de wijkvoorzitter een brief met mijn bedenkingen gestuurd en daar geen reactie op ontvangen. Deze plek in de stad heb ik sindsdien  zorgvuldig gemeden om de kaalslag, die in het najaar van 2009 zou plaatsvinden niet te hoeven zien.

Een jaar later, in 2010: het parkje staat gelukkig nog steeds overeind. Omdat de kapvergunning inmiddels verlopen is, wordt opnieuw een kapaanvraag gedaan, voor 2 bomen meer dan een jaar geleden, nu voor 50 stuks, terwijl er 43 bomen voor terugkomen. (Voor struiken en bomen met een kleinere diameter dat 20 cm is geen kapvergunning nodig). Weer is er contact met de buurtbewoner die ons in eerste inschakelde en met een kennis van ons beiden, die later ook namens het milieuplatform mag spreken. Gedrieën besluiten we om toch nog eens aan te dringen bij de gemeente op een gesprek, om te zien of er nog wat te redden valt. Dat gesprek vindt inderdaad plaats (13 juli) in aanwezigheid van de ontwerper van het nieuwe plantsoen, een medewerkster voor het openbaar groen, de projectleider en een milieudeskundige van de gemeente.

In dit gesprek hebben we nogmaals verzocht uit te leggen wat nu toch de reden is, om zoveel gemeenschapsgeld uit te geven aan een sanering die feitelijk overbodig is. Waarom is er wel geld voor zo’n kostbare sanering en nauwelijks tot geen geld voor onderhoud van groen in de stad? Opnieuw is het de ambtenaren niet gelukt ons te overtuigen van de noodzaak van de kaalslag. “Voor de zekerheid” was en blijft de enige reden.

Er viel niet te praten over aanpassing van de plannen; de gemeente had de protocollen m.b.t. voorlichting en inspraak van de bewoners keurig gevolgd en daarmee is het plan bezegeld. Hoewel de aanbestedingen nog niet zijn gedaan, valt er niets meer te veranderen.

Wel is het ons gelukt de ontwerper en medewerkster groenbeheer nog eens kritisch te laten kijken, waarbij ze tot de conclusie kwamen (duidelijk zichtbaar op de tekening) dat er toch een tiental bomen, die zij wilden kappen inderdaad helemaal niet op vervuilde grond staan. Besloten is deze bomen daarom te handhaven. Natuurlijk waren we gematigd blij met dit resultaat, maar het blijft knagen.

Hoe kan het, dat in deze magere tijden zo’n smak geld wordt uitgetrokken voor een zinloze sanering?
Hoe kan het dat de betrokken “groen-ambtenaren” zelf niet gezien hebben dat een tiental bomen gespaard kunnen worden?

De stichting heeft inmiddels een bezwaarschrift ingediend, om de besproken aanpassingen op tekening te krijgen. De zaak wordt zodoende getraineerd, want als er een nieuwe tekening moet komen, moet ook de kapvergunning opnieuw worden aangevraagd. Wat ons betreft wordt de operatie afgeblazen en het uitgespaarde geld op verantwoorde wijze besteed aan broodnodig onderhoud van groen in de stad, waarvoor nu geen geld is.
Ik verzoek de raadsleden en pers namens Stichting Bomenridders   om aandacht voor deze zaak. De gezonde bomen staan er nu nog!

Vriendelijke groet van de Bomenridders,

Gonneke van Hoesen Korndorffer

Voorstel 20 cm.

Onderstaand de inspreektekst in de commissievergadering aangaande de voorgenomen wijziging in de kapvergunning.

Geachte raadsleden,
vandaag, 19 februari 2007 gaat u een beslissing nemen over het aanpassen van de bestaande kapvergunning.
De Bomenridders Leeuwarden zijn vóór deregulering, maar we mogen niet uit het oog verliezen, dat behoud van het groen en zorg voor het milieu van een totaal andere orde is als bijvoorbeeld het afschaffen van ventvergunningen.
Daarom graag uw aandacht voor het volgende:
Dat Leeuwarden een boomarme stad is, valt ondertussen moeilijk meer te ontkennen. (1/3 boom per inwoner). We zijn het er allemaal over eens dat groen in de stad uiterst belangrijk is; daarvan hoeven we  niemand in deze gemeenteraad te overtuigen.
Wij willen u dringend verzoeken af te zien van het ‘oprekken’ van de grens waarop bomen zonder vergunning omgehakt mogen worden. Deze grens zou verschuiven van 10 cm doorsnede naar 20cm.

Reacties zijn gesloten.